Armoedebestrijding

Armoede betekent niet meedoen aan maatschappelijke activiteiten, vaak een ongezondere levensstijl en mogelijk vereenzaming. Dat mogen we niet laten gebeuren. Kinderen uit gezinnen die in armoede leven, verdienen onze bescherming. Structurele armoede is voor ons onaanvaardbaar.

Niet meedoen komt maar deels door een gebrek aan geld. Het komt ook door een vorm van berusting en vervreemding: ‘wij horen er toch niet bij’. Armoede als een soort levensstijl dus. Wij vinden dat in een rijk land als het onze onacceptabel. Dit vraagt om een frontale aanval op armoede.

Schulden en armoede gaan vaak hand in hand. Het oplossen van schuldenproblematiek is een voorwaarde voor mensen om weer een toekomst op te bouwen. Inzet van schuldhulpverlening verdient een grote prioriteit, gekoppeld aan het voorkomen van nieuwe schulden door het toeleiden van mensen naar de arbeidsmarkt.

Wat kan er beter?

In Arnhem zitten 1.300 inwoners in de schuldhulpverlening. Door bezuinigingen is er een flink tekort aan medewerkers ontstaan om alle mensen met schulden te begeleiden. Daardoor zijn de wachtlijsten te lang en is de kwaliteit van de schuldhulpverlening onvoldoende.

Het aantal mensen dat onder de armoedegrens leeft, groeit. Met name de samenhang van armoede met gezondheid is schrijnend en onaanvaardbaar. Dat geldt vooral voor kinderen (ongezonde voeding, overgewicht, niet sporten, etc.).

Nog te vaak is de inzet gericht op het oplossen van schulden, niet op het voorkomen daarvan. Datzelfde geldt voor armoedebestrijding. Te vaak is de inzet gericht op een oplossing voor de korte termijn of voor een deelprobleem. Er is onvoldoende aandacht voor een structurele oplossing voor de persoon of het gezin.

Wat willen we doen?

  • De Gelrepas moet beschikbaar zijn voor mensen met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Activiteiten die bijdragen aan de vergroting van het netwerk en de kans op werk worden zwaarder gesubsidieerd en kinderen krijgen voorrang.
  • Het lidmaatschap van een sportclub is en blijft gratis voor kinderen tot 18 jaar die een Gelrepas hebben.
  • Om gezondheidsproblemen te voorkomen, zorgen we dat minima een beroep kunnen doen op de bijzondere bijstand voor medische kosten en – waar nodig – een aanvullende ziektekostenverzekering.
  • De Formulierenbrigade is een succes gebleken. We blijven inzetten op ondersteuning bij de aanvraag van voorzieningen waar mensen recht op hebben.
  • We voeren regelmatig overleg met de vele stichtingen, particuliere initiatieven en instellingen die zich met armoedebestrijding bezighouden om de kwaliteit van de samenwerking en kennis uit te wisselen.
  • Met woningbouwcorporaties en nutsbedrijven maken we afspraken over het snel melden van achterstanden van betaling. Bij zo’n melding wordt direct door de gemeente contact met de bewoner gelegd. We willen voorkomen dat problematische schulden ontstaan en daardoor huisuitzettingen. Convenanten met deurwaarders moeten hoge incassokosten voorkomen. Met middelbare scholen wordt afgesproken dat scholieren tijdens hun schoolperiode bewust worden gemaakt van een gezonde financiële huishouding.
  • De capaciteit voor schuldhulpverlening moet groter en de kwaliteit moet beter om de problemen sneller aan te pakken. De gemeente blijft altijd verantwoordelijk voor de kwaliteit van de uitvoering.
  • Als sprake is van werkloosheid – en dat is in veel gevallen zo – dan worden bij de hulpverlening ook afspraken gemaakt over een maatschappelijke tegenprestatie.
  • We zorgen dat de problemen in de in- en uitstroom in de crisisopvang worden opgelost door te zorgen dat er voldoende woningen zijn waar mensen vanuit de crisisopvang een nieuwe start kunnen maken.
  • We hebben aandacht voor de thuislozen die wel onderdak hebben (bijvoorbeeld op een camping of bij familie of vrienden), maar geen vaste verblijfplaats. Deze mensen vallen nu buiten de cijfers over daklozen, maar hebben wel degelijk hulp nodig. Er komt aandacht voor de groeiende groep (alleenstaande) ouders die dakloos raken en mensen die door het verliezen van hun baan dakloos raken.